Veelgestelde vragen

Over het landelijke programma

Hoe kan ik mij inschrijven voor een werkgroep?

U kunt zich niet meer inschrijven. Alle werkgroepen zijn in hun definitieve samenstelling aan de slag. Heeft u iets dat voor een werkgroep van belang kan zijn? U kunt altijd uw brancheorganisatie benaderen, of een lid van het Programmateam of de werkgroep. Zij kunnen uw idee meenemen. Alle namen staan bij mensen.

Wie neemt de besluiten in het programma?

Wie een definitief besluit neemt, hangt af van het onderwerp. De NZa stelt prestaties, tarieven en regelgeving vast. Het Bestuurlijk overleg Hoofdlijnenakkoord neemt de besluiten over de andere onderwerpen. Hoe dit precies werkt staat bij Landelijk programma.

De invoering van het zorgprestatiemodel

Is het zeker dat het zorgprestatiemodel wordt ingevoerd?

De Staatssecretaris heeft de NZa een aanwijzing gegeven om het zorgprestatiemodel als bekostiging voor de ggz en fz in te voeren. Dat betekent dat het zorgprestatiemodel in werking treedt met ingang van 1 januari 2022.

Simulatie

Ik heb een vraag over de simulatie, waar kan ik met mijn vraag terecht?

Kijk eerst in het document veelgestelde vragen over simulatie. Staat uw vraag er niet tussen? Stuur dan uw vraag naar info@nza.nl of stuur een WhatsApp-bericht naar 088 – 770 8 770.

Komt er software voor het uitvoeren van de simulatie?

Onder Downloads vindt u een stappenplan en tabellen waarmee u zelf de financiële impact van invoering van het zorgprestatiemodel kunt berekenen. Het programma Zorgprestatiemodel stelt hiervoor geen aparte software beschikbaar. Als u ondersteuning nodig heeft bij de simulatie kunt u het beste contact opnemen met uw brancheorganisatie.

Patiënten

Wat merkt de patiënt van de nieuwe bekostiging?

De patiënt merkt dat nota’s duidelijker zijn. Hij kan bijvoorbeeld precies zien op welke datum en met wie hij een consult heeft gehad, en hoelang dat duurde.

Patiënten die in 2020 zijn gestart met een behandeling die in 2021 doorloopt, kunnen te maken krijgen met ‘extra’ eigen risico.

Het is niet zo dat de zorg zelf anders wordt door het zorgprestatiemodel. Het model gaat niet over de inhoud van de zorg, maar alleen over de bekostiging.

Bron: NZa

Houdt het zorgprestatiemodel rekening met de gevolgen van taalbarrières en culturele achtergrond?

Ja. Als een consult door een taalbarrière of de culturele achtergrond van een patiënt langer duurt, kan dat gewoon in rekening worden gebracht.

Komen er patiëntenfolders over het zorgprestatiemodel? Of moet elke zorgaanbieder zelf de informatie aan patiënten regelen?

Er komen landelijke communicatiemiddelen om patiënten te informeren. De werkgroep communicatie van het programma Zorgprestatiemodel gaat hier in 2021 mee aan de slag.

Welke rol krijgen naasten van de patiënt in het zorgprestatiemodel? Kan ik triadisch werken?

Een zorgverlener bepaalt zelf of en wanneer naasten bij de behandeling worden betrokken.

Voor een contact met naasten kan een consult (of een groepsconsult) worden geregistreerd. Een consult is volgens de (concept) beleidsregel van de NZa namelijk een direct, ononderbroken en zorginhoudelijk contact tussen zorgverlener en (forensische) patiënt of naasten van de patiënt.

Heeft het zorgprestatiemodel gevolgen voor de privacyverklaring?

Nee, de privacyverklaring blijft bestaan. Heeft u als zorgaanbieder een getekende privacyverklaring volgens het model van de NZa in het dossier? Dan hoeven op de factuur geen DSM-hoofdgroep en zorgvraagtype te worden vermeld.

Bron: NZa

Blijft de vrije keuze van behandelaar voor de patiënt van kracht?

Het zorgprestatiemodel regelt de bekostiging van zorg. De aanspraak op zorg volgens de Zorgverzekeringswet verandert niet. Het recht om zelf een zorgverlener of zorgaanbieder te kiezen ook niet. Het kan wel zijn dat de verzekeringspolis voorwaarden stelt.

Eigen risico

Moet een verzekerde twee keer eigen risico betalen als een behandeling over een jaargrens heengaat?

Ja. Vanaf 2022 telt de behandeling in de ggz elk kalenderjaar opnieuw mee voor het eigen risico.

Komt er een overgangsregeling voor het eigen risico bij harde afsluiting van een dbc?

Nee. De gewone regels van het eigen risico gelden. Als een behandeling die in 2021 is gestart in 2022 doorgaat onder het zorgprestatiemodel, betaalt de patiënt twee keer eigen risico. Een keer voor de dbc of prestatie basis-ggz die in 2021 is gestart en afgesloten, en een keer voor de zorg in 2022.

Bron: NZa

Prestaties

Een consult langer duurt soms langer dan 120 minuten. Hoe wordt dat vormgegeven?

Voor de consulten gelden ‘vanaf’ grenzen. Een consult van bijvoorbeeld 140 minuten valt dus in de categorie ‘consult vanaf 120 minuten’. Dat is het langste consult. Consulten kunnen alleen worden ‘gestapeld’ als er een onderbreking om zorginhoudelijke redenen tussen zit. Een korte pauze, bijvoorbeeld om koffie te halen, valt daar niet onder. 

Bron: NZa

Ik heb 45 minuten voor een consult gepland, maar het duurt slechts 30 minuten. Hoeveel tijd mag ik voor dit consult declareren?

In het zorgprestatiemodel is de planning leidend voor de declaraties (mits je je houdt aan de Spelregel Planning = Realisatie). In dit geval declareer je dus 45 minuten voor dit consult.

Bron: NZa

Mag ik voor een patiënt die slechts 1 dag wordt opgenomen, maar verder poliklinisch behandeld wordt, een klinisch consult registreren?

Ja, dit mag. Alle behandelconsulten en diagnostiekconsulten geleverd op een verblijfsdag vallen in de setting Klinisch (exclusief fz) (voor Zvw-patiënten) of Forensische en beveiligde zorg, klinisch (voor Wfz-patiënten). Zodra de patiënt (weer) ambulant of outreachend behandeld wordt, kan een consult uit de betreffende niet-klinische settings gedeclareerd worden.

Bron: NZa

Moet ik voor vaktherapie, geleverd op een verblijfsdag, een behandelconsult registreren?

Nee, om administratieve lasten te verlagen is ervoor gekozen de kosten voor vaktherapie te verwerken in het tarief voor de verblijfsdag. Ook dagbesteding is in dit tarief verwerkt.

Bron: NZa

Wij doen veel neuropsychologisch onderzoek. Waar kan ik dat kwijt? Ik zie er geen toeslag voor.

Neuropsychologisch onderzoek valt onder de definitie van diagnostiek. Die luidt: activiteiten met als doel (bijdragen aan) het stellen van een diagnose, uitgevoerd door een zorgverlener die hiervoor bevoegd en bekwaam is. U kunt dus een consult diagnostiek registreren.

Bron: NZa

Komt er een aparte vergoeding voor reistijd?

Ja, er komen vier toeslagen voor reistijd:

  • ggz reistijd tot 25 minuten
  • ggz reistijd vanaf 25 minuten
  • fz reistijd tot 45 minuten
  • fz reistijd vanaf 45 minuten

De toeslag geldt per consult. Welke toeslag van toepassing is bepaal je door de werkelijke reistijd van de heen- en terugreis bij elkaar op te tellen.

Bron: NZa

Mag je een no-show declareren?

Bij een ‘no-show’ wordt er geen zorg geleverd. Daarom krijgt het zorgprestatiemodel hier geen prestatie/tarief voor. Een zorgaanbieder kan wel als eigen beleid hebben dat de patiënt die niet komt opdagen een vast bedrag moet betalen. Dat moet dan vooraf aan de patiënt worden meegedeeld.

Bron: NZa

Wanneer valt chatten met een cliënt onder asynchrone digitale zorg?

In artikel 2.3 lid 2 van de Beleidsregel Prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg (BR/REG-22137) staat: Voor asynchrone digitale zorg geldt het volgende. De zorgaanbieder registreert één consult per dag op basis van de totale tijd besteed aan het contact met de patiënt op verschillende momenten van die dag.

Een chatgesprek kan zowel onder synchrone als onder asynchrone zorg vallen. Wanneer een behandelaar gedurende een bepaalde periode ononderbroken met één chatconversatie bezig is, dan hoeft de asynchrone regel niet gebruikt te worden. In dat geval kan het consult worden gekozen op basis van de directe tijd die is geleverd.

Een chatgesprek is asynchroon, wanneer een behandelaar bijvoorbeeld verschillende chats tegelijk open heeft staan en zijn aandacht verdeeld over verschillende gesprekken. De contacten zijn dan steeds onderbroken. De asynchrone regel moet dan worden toegepast om één consult te declareren en niet meerdere korte consulten.

Bron: NZa

Mag ik een db(b)c of prestatie basis-ggz al eerder dan 31 december 2021 afsluiten met afsluitreden ‘Overgang naar ZPM’?

Ja dit mag. Prestaties mogen eerder worden afgesloten met afsluitreden ‘Overgang naar zorgprestatiemodel’ als de verwachting is dat de zorg zal doorlopen in het Zorgprestatiemodel. Als de prestatie om zorginhoudelijke redenen wordt afgesloten, dan moet de bijbehorende reguliere afsluitreden worden gebruikt.

Op 31 december 2021 worden alle d(b)bc’s en generalistische basis-ggz prestaties die nog niet zijn afgesloten administratief afgesloten. Zie ook ‘Afsluiting van d(b)bc’s en prestaties generalistische basis-ggz ten behoeve van de overgang naar het Zorgprestatiemodel‘ (NR/REG-2125).

Bron: NZa

Is het verplicht de AGB-code te vermelden op de factuur?

Als een behandelaar een AGB-code heeft, is het verplicht deze te registeren en op de factuur te vermelden naar de zorgverzekeraar. Het vermelden van de AGB-code valt ook onder de informatieverplichting naar de NZa toe.

Dit geldt voor de AGB-code van de zorgaanbieder (op instellingsniveau), de AGB-code van de regiebehandelaar, de AGB-code van de verwijzer, en de AGB-code van de behandelaar die de prestatie heeft geleverd. Voor deze laatste groep geldt dat als de behandelaar geen AGB-code heeft, dan het beroep op de factuur wordt vermeld.

Alle informatieverplichtingen staan in de Regeling geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg b-release (NR/REG-2214a).

Een AGB-code kunt u via Vektis aanvragen.

Bron: NZa

Prestaties: groepsbehandeling

Mag je voor een groepsconsult ook deelnemers meetellen die onder een andere financiering vallen?

Ja, dat moet zelfs. Deelnemers uit andere financieringsstromen moeten worden meegeteld, omdat ze mede bepalen hoeveel tijd elke individuele patiënt kan krijgen. Het zorgprestatiemodel-groepsconsult wordt echter alleen bij de Zvw- en de Wfz-patiënten in rekening gebracht.

Bron: NZa

Hoe kan ik een groepsconsult registreren bij een groepssessie die langer duurt dan 30 minuten?

De prestatie groepsconsult kan per half uur (30 minuten) gedeclareerd worden. Dat betekent dat als een groepssessie bijvoorbeeld 60 minuten duurt, elke behandelaar per patiënt 2 keer een prestatie ‘groepsconsult’ registreert.

Bron: NZa

Wordt er rekening gehouden met het aantal behandelaren dat een groepssessie geeft?

Ja. Als meerdere behandelaren het groepsconsult leveren kan iedere zorgverlener apart een groepsconsult registreren. De behandelaren moeten dan wel onder de consult registerende beroepen vallen.  

Bron: NZa

Indirecte tijd

Wat gebeurt er met de indirecte tijd?

Indirecte tijd zit voortaan verdisconteerd in het tarief van het consult. Voor de bekostiging hoeft de indirecte tijd niet meer geregistreerd te worden.  

In de planning moet natuurlijk wel rekening gehouden worden met de tijd die de zorgverlener kwijt is aan bijvoorbeeld verslaglegging. Een zorgaanbieder kan zelf bepalen of dit wordt ingericht in de agenda.  

Bron: NZa

Hoe wordt het MDO vergoed?

Valt de instelling onder het Kwaliteitsstatuut sectie III? Dan hoeft het multidisciplinair overleg (MDO) niet meer te worden vastgelegd voor de declaratie. Het is verdisconteerd in het tarief.  

Zorgaanbieders die onder sectie II van het Kwaliteitsstatuut vallen en die met een andere zorgverlener over een patiënt overleggen, mogen een intercollegiaal overleg registreren. De precieze voorwaarden staan in de beleidsregel van de NZa.  

Bron: NZa

Bij diagnostiek of patiënten met complexe dossiers ben ik meer indirecte tijd kwijt. Hoe wordt hier rekening mee gehouden?

In een diagnostisch consult zit gemiddeld meer indirecte patiëntgebonden tijd dan in een behandelconsult. Voor wat betreft patiënten met complexe dossiers: in de consulttarieven zit het gemiddelde aan indirecte tijd opgenomen. De ene keer is dat te veel en de andere keer misschien iets te weinig.  

Bron: NZa

Settings

Welke setting moet ik kiezen?

De patiënt wordt op basis van diens zorgvraag bewust verwezen naar een bepaalde setting. Uitgangspunt bij het toekennen van een setting is het behandelplan van de patiënt. Op basis hiervan kan de patiënt worden verwezen naar een geschikte behandelaar of behandelteam. In het behandelplan komt tot uitdrukking hoe de zorg wordt geleverd. Op basis daarvan bepaalt u van welke setting sprake is.

Bron: NZa

Hoe kies ik een setting in de intake- of diagnostiekfase?

In de diagnostiekfase maakt u als zorgaanbieder een inschatting welke setting het best past bij de situatie van de cliënt. Dit kan bijvoorbeeld op basis van de verwijzing.

Bron: NZa

Kan ik meerdere settings registreren?

Ja. Een zorgaanbieder kan zorg leveren binnen verschillende settings. De patiënt kan binnen één zorgaanbieder van setting wisselen als zijn of haar toestand daar aanleiding voor geeft en / of de aard van de zorglevering significant verandert. Op- en afschaling van zorg op het niveau van settings is daarmee inzichtelijk.

Bron: NZa

Ik heb voor de setting multidisciplinair gekozen, maar later blijkt dit toch monodisciplinair te zijn. Moet ik de voorgaande consulten dan aanpassen?

Nee. U bepaalt op basis van de zorgvraag van de patiënt welke setting het beste past. Als op een later moment blijkt dat een lagere setting kan volstaan dan plaatst u op dat moment de patiënt in een andere setting. De voorgaande consulten past u niet aan.  U moet  kunnen onderbouwen waarom een bepaalde setting het best past(e) bij de situatie.

Bron: NZa

Als wij meerdere zorgverleners met hetzelfde beroep inzetten om aan behandeldoelen van de patiënt te werken, geldt dit dan ook als verschillende beroepen?

Nee. De verschillende beroepen kunnen elkaar niet vervangen en tijd kan niet onderling uitbesteed of verdeeld worden.

Voor de multidisciplinaire setting is het van belang dat voor de behandeling van de patiënt de inzet van verschillende beroepen noodzakelijk is. Buiten de regiebehandelaar hebben meerdere verschillende beroepen tijdens de behandelfase contact met de patiënt.

Zie voor meer informatie de Prestatiebeschrijving van de setting ambulant – kwaliteitsstatuut sectie III – multidisciplinair van de Beleidsregel Prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg (BR/REG-22137).

Bron: NZa

Telt de regiebehandelaar als één van de minimaal twee vereiste behandelaren bij de setting multidisciplinair?

Nee. In de Beleidsregel Prestaties en tarieven geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg (BR/REG-22137) staat: “Buiten de regiebehandelaar hebben meerdere verschillende disciplines tijdens de behandelfase contact met de patiënt.” Dus er moeten minimaal 3 beroepen behandelen: het beroep van de regiebehandelaar en daarnaast nog 2 andere beroepen.

Raadpleeg voor meer informatie de ‘Factsheet Setting’.

Bron: NZa

Wat is het verschil tussen de setting klinisch en de setting forensische en beveiligde zorg-klinische zorg?

Bij de setting forensische en beveiligde zorg-klinische zorg gaat het om afdelingen die zijn ingericht op het opnemen van forensische patiënten. Indien op deze afdelingen ook Zvw patiënten liggen geldt dit als een beveiligde setting.

Bron: NZa

Generalistische basis-ggz

Komt er een maximumaantal consulten voor behandeling in de gb-ggz?

Als het zorgprestatiemodel wordt ingevoerd, gaan voor basis-ggz en gespecialiseerde ggz dezelfde prestaties gelden. De bekostiging van basis-ggz gaat dan niet meer uit van genormeerde tijden. De Staatssecretaris bevestigt dat in zijn brief aan de Tweede Kamer over de invoering van het zorgprestatiemodel, op pagina 9: In de basis-ggz vervallen de huidige genormeerde tarieven, die uitgaan van een bepaalde duur van het behandeltraject.

Tegelijkertijd wijst de Staatssecretaris op het belang van volumebeheersing en monitoring. Het is daarom niet uit te sluiten dat zorgverzekeraars voor gecontracteerde basis-ggz afspraken met zorgaanbieders zullen willen maken. Dit staat echter los van het zorgprestatiemodel.

De NZa zal (ook met het oog op de monitoring die in de brief wordt genoemd) waarschijnlijk gaan bepalen dat de prestaties die voor basis-ggz in rekening worden gebracht een ‘zorglabel’ moeten meekrijgen. De basis-ggz zal dus voor zorgverlener, patiënt en zorgverzekeraar wel herkenbaar blijven.

Komt het onderscheid tussen basis-ggz en gespecialiseerde ggz helemaal te vervallen?

Als het zorgprestatiemodel wordt ingevoerd, gaan voor basis-ggz en gespecialiseerde ggz dezelfde prestaties gelden. De NZa zal waarschijnlijk wel gaan bepalen dat de prestaties die voor basis-ggz in rekening worden gebracht een ‘zorglabel’ moeten meekrijgen. De basis-ggz zal dus voor zorgverlener, patiënt en zorgverzekeraar wel herkenbaar blijven. Het is niet uit te sluiten dat zorgverzekeraars voor gecontracteerde basis-ggz afspraken met zorgaanbieders zullen willen maken. Dit staat echter los van het zorgprestatiemodel.

Forensische zorg

Voor de forensische zorg wordt er alleen gesproken over dbbc’s. Gaan de forensische zzp’s en extramurale parameters ook over op het zorgprestatiemodel?

Nee, om administratieve lasten te verlichten is het zorgprestatiemodel in de forensische zorg alleen van toepassing op behandeling (als vervanging van de dbbc’s). De bekostiging van verblijf met begeleiding (zzp-c 1 t/m 6 en zzp-vg 1 t/m 7) verandert niet. Voor de zorgvorm ambulante begeleiding blijven de extramurale parameters van toepassing.

Bron: NZa

Acute ggz

Hoe kan ik acute zorg registeren?

In plaats van de crisis-dbc’s binnen budget komen er aparte consulten en verblijfsdagen binnen budget in het zorgprestatiemodel.

Crisis-dbc’s buiten budget komen ook te vervallen in het zorgprestatiemodel. In plaats hiervan worden de gewone prestaties (consulten en verblijfsdagen) in het zorgprestatiemodel geregistreerd en gedeclareerd.

Bron: NZa

Wanneer start de aanbieder een consult acute ggz?

U kan een consult acute ggz declareren zodra wordt voldaan aan de prestatieomschrijving en er sprake is van direct, ononderbroken en zorginhoudelijke contact tussen zorgverlener en (forensische) patiënt of naasten van de patiënt.

De datum van het eerste consult telt als eerste dag. Op een vrijdag is de looptijd van de consulten acute ggz dus t/m zondag.

Bron: NZa

Wanneer moet de aanbieder nieuwe consulten acute ggz openen (heropenen)?

Het kan voorkomen dat er voor een acute ggz patiënt drie dagen consulten acute ggz zijn gedeclareerd. Er kunnen nieuwe serie van drie dagen worden gedeclareerd zodra er sprake is van een nieuwe episode. Dit is een inhoudelijke beoordeling. In de regelgeving staan dus geen regels rondom wanneer er meer een nieuwe ‘serie’ van maximaal drie dagen consulten acute ggz mag worden gedeclareerd. Op een zorgtrajectnummer kan het dus voorkomen dat er meerdere series van consulten acute ggz voorkomen.

Bron: NZa

Regelgeving

Blijft de verplichte aanlevering aan DIS bestaan?

Vanaf 2022 moet tegelijk met het versturen van een declaratie ook informatie aan de NZa worden aangeleverd. Dit staat in de (concept) Regeling geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg van de NZa. Deze vindt u bij de Downloads.

Wanneer worden de definitieve tarieven bekend?

De NZa zal half april de definitieve tarieven bekend maken. Tot dan kunt u met de concept tarieven voor de simulatie de financiele impact voor uw organisatie berekenen.

Beroepen

Onder welke beroepsgroep gaan BIG-opleidelingen vallen?

Een opleideling valt onder het beroep waarvoor hij of zij al wel is gediplomeerd. Dus een psycholoog in opleiding tot gz-psycholoog registreert als WO-psycholoog (een beroep in de categorie ‘overige beroepen’). En een arts in opleiding tot psychiater registreert als arts. De opleideling registreert dus niet als het beroep waarvoor hij of zij nog in opleiding is.

Wat is de plek van WO-psychologen in het zorgprestatiemodel?

Het beroep WO-psycholoog is via de hardheidsclausule op de lijst overige beroepen gekomen. Dit betekent dat WO-psychologen consulten in de categorie ‘overige beroepen’ kunnen registeren. Vanaf 1 juli 2022 kan dat alleen als de WO-psycholoog een LOGO-verklaring heeft. Het eerste halfjaar van 2022 is een overgangsperiode. Dan geldt de voorwaarde van de LOGO-verklaring nog niet.

Waar kan ik een LOGO-verklaring aanvragen en wat zijn de voorwaarden?

Het antwoord op deze vragen vindt u op de website van vLOGO.

Mijn LOGO-verklaring is verlopen. Wat nu?

Na 1 juli 2022 kan een WO-psycholoog zonder geldige LOGO-verklaring geen declarabele consulten registreren.

Zorgvraagtypering

Is het vastleggen van een zorgvraagtypering verplicht?

Ja, vanaf 2022 wordt het zorgvraagtype verplicht op de factuur vermeld bij de zorgprestaties. De verplichting geldt per patiënt, niet per prestatie. De zorgvraagtypering gaat mee bij iedere declaratie, tenzij er een privacyverklaring is ondertekend. Er is één uitzondering: bij diagnostiekconsulten is het vermelden van het zorgvraagtype optioneel.

Bron: NZa

Blijft een DSM-diagnose verplicht?

In transitieperiode 2022 en 2023 wordt voor de ggz en de fz ook de DSM-5 diagnose geregistreerd. Voor de gespecialiseerde ggz wordt de diagnosehoofdgroep op de factuur vermeld, voor de gb-ggz het profiel (type traject). In principe vervalt de DSM-hoofdgroep op de factuur na twee jaar, tenzij de zorgvraagtypering dan nog onvoldoende is doorontwikkeld.

Bron: NZa

Wie typeert de zorgvraag?

De regiebehandelaar moet de zorgvraag typeren.

Bron: NZa

Gebruiken we voor de fz dezelfde zorgvraagtypering als voor de ggz?

Er komt één model voor zorgvraagtypering met twee afslagen: een voor ggz en een voor fz. Voor de zorgvraagtypering ggz vormen de 21 hoofdclusters de basis en is de HoNOS+ vragenlijst het instrument. Voor de forensische patiënt bepaalt het recidiverisico in combinatie met de ernst van het delict en eventuele responsiviteitproblemen het zorgvraagtype. Deze score wordt bepaald met bestaande risicotaxatie instrumenten, niet met de HoNOS+ vragenlijst.

ICT

Wat moet ik zelf regelen met mijn softwareleverancier?

Een aantal grote softwareleveranciers nemen deel in het programma Zorgprestatiemodel en zijn betrokken bij het opstellen van functionele specificaties.

Of uw leverancier deelneemt of niet, altijd zal het EPD voor uw eigen organisatie moeten worden aangepast. Daarom raden wij u aan contact op te nemen met uw leverancier om na te gaan wat de leverancier doet en wat u zelf moet doen.